Uit mijn atelier

Van klei
tot kopje.

Een kopje gaat heel wat keren door mijn handen voordat je eruit kunt drinken. Van het voorbereiden van de klei tot de laatste stook: elke stap bepaalt hoe het straks voelt en eruitziet. Ik neem je mee langs de draaischijf en de oven.

Sieps handen centreren klei op een draaiende draaischijf, van bovenaf gezien
Het begint met je handen in de klei.

01 · De voorbereiding

Wat is keramiek?

Keramiek is de verzamelnaam voor gebakken klei. Aardewerk, steengoed en porselein zijn dus allemaal keramiek. Welke klei je gebruikt, bepaalt onder meer op welke temperatuur je het werk kunt stoken.

Eerst de klei voorbereiden

Voordat ik begin met draaien, bereid ik de klei voor. Zitten er grote verschillen tussen harde en zachte delen, of wil ik klei mengen? Dan sla ik de klei eerst door. Daarna ga ik walken.

Walken is een soort kneden met een draaiende beweging. Je mengt de harde en zachte, nattere en drogere delen tot een gelijkmatige massa en werkt luchtbelletjes eruit. Die kunnen tijdens het centreren flink in de weg zitten. Een goede voorbereiding maakt het draaien een stuk prettiger.

Kwasten en houten gereedschap in een keramieken pot in het atelier
Het gereedschap staat klaar in het atelier.

02 · Aan de draaischijf

Een bol klei in het midden

Van de voorbereide klei maak ik een bol. Ik houd mijn linkerhand als een cirkeltje in het midden van de draaischijf. Die hand geeft me een richtpunt en helpt de klei op haar plek te houden. Met mijn rechterhand plaats ik de bol met een flinke klap zo goed mogelijk in het midden.

Als de klei goed vastzit, ga ik centreren. De klei moet zo draaien dat mijn vingers niet meer heen en weer bewegen. Als je je ogen dichtdoet en niets meer voelt wiebelen, zit je goed. Dat geeft zo'n rustig, sereen gevoel: ha, dit is het.

Openen en optrekken

Voor een kopje maak ik eerst een cilinder. Ik open de klei en vorm de bodem. Wil ik een strak kopje, dan maak ik een platte bodem met een duidelijke hoek van 90 graden naar de wand. Wil ik binnenin een ronding, dan breng ik die al bij het openen aan.

Daarna trek ik de wand een aantal keer op. De binnenkant bepaalt de vorm; bij het afdraaien pas ik de buitenkant daarop aan.

“Als je je ogen dichtdoet en je voelt niks meer wiebelen, dan is het gecentreerd.”

Siep · Aan de draaischijf

03 · De vorm verfijnen

De vorm verfijnen met een lomer

Als het kopje is opgetrokken, werk ik het verder af met een lomer. Dat is een plaatje van hout, metaal of kunststof. Daarmee kan ik de wand strak maken of juist een bolling geven.

Met de lomer haal ik ook de slip, de natte klei aan het oppervlak, weg. Daardoor wordt de wand wat steviger en zakt hij minder snel in. Je kunt dus nog mooi met de vorm spelen nadat je hebt gedraaid.

Tot slot haal ik een snijdraad onder het kopje door en zet ik het weg om wat te drogen.

Siep werkt de wand van een gedraaide vorm af met een blauwe lomer
Met een lomer werk ik de vorm en het oppervlak af.

04 · Aandacht voor de onderkant

Afdraaien: aandacht voor de onderkant

Vaak kan ik de volgende dag afdraaien. Het kopje moet dan stevig genoeg zijn om op te pakken, maar nog zacht genoeg om te bewerken. Ik zet het ondersteboven op de schijf en centreer het opnieuw.

Met scherpe afdraaitooltjes haal ik overtollige klei weg en verfijn ik de onderkant. Zo voorkom ik een zware ‘olifantpoot’ en kan ik bijvoorbeeld een mooi standringetje maken. Voor mij hoort afdraaien erbij: juist die afwerking maakt een kopje mooi.

Siep haalt met een afdraaitool klei weg van de onderkant van een kopje
Het kopje staat ondersteboven om de onderkant af te draaien.

05 · Van klei naar keramiek

Goed laten drogen

Voor de eerste stook moet het kopje helemaal droog zijn. Hoe lang dat duurt, hangt onder meer af van de dikte. Een dun gedraaid kopje kan soms binnen een paar dagen droog zijn. Bij een bodem van twee centimeter kan het gerust anderhalf tot twee weken duren.

Er mag geen vocht meer in zitten. Bij het verhitten wordt dat stoom, die uitzet en het kopje kan laten barsten. Goed drogen vraagt dus geduld.

Twee keer de oven in

Meestal stook ik een kopje twee keer. Eerst komt de biscuitstook, bij mij op 1020 °C. De klei verandert dan in een harde scherf: het is nu keramiek.

Na die eerste stook glazuur ik het kopje. Het glazuur geeft het oppervlak zijn kleur en afwerking. Daarna volgt de glazuurstook. De temperatuur hangt af van de klei en het glazuur. Aardewerkklei stook je lager; steengoed wordt doorgaans boven de 1200 °C gestookt.

Bij die hogere temperatuur verdicht de klei en wordt het werk sterker. Kleuren kunnen wat zachter worden, al hoeft dat niet altijd. Als het kopje na de tweede stook is afgekoeld, is het klaar om uit te drinken.

Bovenaanzicht van de keramiekoven met borden en kommen op de ovenplaten
Een kijkje in de oven, gevuld met borden en kommen.

Nu jij

Zelf met je handen in de klei?

Wil je ervaren hoe het voelt om een bol klei te centreren en je eigen vorm te draaien? Tijdens een workshop draaien maak je kennis met de draaischijf. Wil je meer tijd om te oefenen, bekijk dan het draaiweekend of de privélessen.

Bekijk mijn collectie